Keti Koti festival presenteert Slavenregisters

Keti Koti, bevrijdingsfeest en herdenking afschaffing Nederlandse slavernij op 1 juli 1863. Bij uitstek een moment om te spreken over de slavenregisters, die nu grotendeels bevrijd zijn uit hun  papieren jas. Ze zijn digitaal te raadplegen via http://www.gahetna.nl/collectie/index/nt00451.

In een goedgevulde Boni Tula tent luisteren bezoekers naar Coen van Galen, de projectleider van ‘Maak de slavenregisters openbaar’. Hij licht de achtergrond en het belang van die registers toe. En vertelt, in antwoord op vragen, dat aan de slavenregisters van Curaçao en Aruba nog gewerkt wordt. Of dat in Nederlands-Indië dat ook zo is, weet hij niet zeker. Ook vertelt hij hoe relatief ‘goed en slecht’ was in die context. Zo kwam een oud-slaaf die zijn moeder wilde vrijkopen, als handelaar in de boeken.

Vervolgens geeft hij het stokje door aan Maria Karg, die de informatie uit de registers tot een lesprogramma smeedt. Dat programma is in het nieuwe schooljaar beschikbaar voor leerlingen van het voortgezet onderwijs. Het sluit aan bij ‘hink-stap-sprong door de slavernij’, het algemene lesprogramma van Stichting Stil Verleden.

Maria Karg neemt de toehoorders even mee in de sfeer van een les, compleet met overhoring. Ze vraagt: “Hoe heet de Kaapkolonie nu?” “Zuid-Afrika!”, roept een toehoorder. En zo verder met de belangrijkste VOC kolonies: “Ceylon, nu?” “SriLanka!” “Nederlands-Indië, nu?” “Indonesië!” Zo krijgt Maria even de lachers op haar hand tijdens het verhaal over dit zo ernstige onderwerp. Een geschiedenis waarvan zij en haar familie ook persoonlijk deel uitmaakten. Overigens waren de belangrijkste kolonies van de WIC Nederlands Brazilië, de Nederlandse Antillen en ‘last but not least’ Suriname.

 

You may also like...