De kleuren van ons slavernijverleden

De door de Volksuniversiteit georganiseerde lezing in Bibliotheek Helmond-Peel werd dinsdagavond 12 maart door ruim 30 toehoorders bezocht. Een gevarieerde groep burgers van Nederlandse en Caribische en Surinaamse en Zuid-Afrikaanse komaf vanuit de stad en omliggende dorpen. Het was een actief publiek dat veel vragen stelde. Ook omdat het onderwerp voor velen niet in de hele bandbreedte bekend was.

Maria Reinders-Karg belichtte het verhaal van meerdere kanten. Ze vertelde over de Trans-Atlantische slavernij door de West Indische compagnie (WIC). Deze was bekender dan de handel over de Oost door de Verenigde Oost Indische Compagnie (VOC). Terwijl de VOC eerder begon, groter van omvang was en later eindigde. Via een afbeelding maakte Maria de aantallen en verhouding tussen VOC en WIC inzichtelijk.

Ook de Europese of Christenslaven passeerden de revue. En de vorig jaar digitaal ontsloten slavenregisters. Tot slot was er aandacht voor de moderne vormen van slavernij, waarvan wij ons terdege bewust moeten zijn.

In reactie op Maria’s informatie over VOC en WIC, vertelde een mevrouw uit Zuid-Afrika dat zij juist het verhaal uit het Atlantisch gebied niet kende, maar wel dat van de VOC. Een Nederlands echtpaar dat net terug was uit Zuid-Afrika zei dat de man steeds met “boss” werd aangesproken door de lokale bevolking. Zij voelden zich daar niet prettig bij en kwamen tot de conclusie dat er nog onvoldoende is veranderd.

Enkele bezoekers met roots in de voormalige kolonies vroegen zich af wat Nederland in ruil voor alles wat weggehaald was, heeft achtergelaten. Hoe zijn de landen verrijkt door de Nederlandse overheersing destijds? Na de lezing werd er nog een tijd nagepraat. Goed te merken dat het Nederlands slavernijverleden ook in Helmond zijn kleurrijke weerklank vond. Dat er bij het publiek veel begrip was voor het feit dat mensen van kleur, gevoed door hun geschiedenis, in deze tijd bezig zijn met hun positie in de maatschappij en hun culturele komaf.

You may also like...